Steeds meer wijnmakers ontdekken de invloed van klei op hun wijnen. Net zoals de keuze van het bos voor eikenhouten vaten bepalend is, speelt ook de herkomst van de klei voor amforen een cruciale rol. In Georgië, waar de eeuwenoude qvevri-traditie levend wordt gehouden, blijkt de samenstelling van de lokale klei rechtstreeks effect te hebben op de micro-oxidatie en mineraliteit van wijn. Ook in Italië, vooral rond het Toscaanse Impruneta, zweren producenten bij hun ijzerrijke terracotta vol galestro, dat wijnen zachtheid en structuur geeft. In Spanje mengt pottenbakker Juan Padilla drie soorten klei uit Albacete voor zijn tinajas, geliefd bij wijnmakers als Giusto Occhipinti van Cos. Zelfs in de Nieuwe Wereld groeit de interesse: in Chili gebruikt Vik amforen gemaakt van klei uit de eigen wijngaard. Zo krijgt het begrip ‘terroir’ een extra dimensie – niet alleen in de wijngaard, maar ook in het vat waarin de wijn rijpt.
