Roséwijn is veelzijdiger dan ooit en juist die diversiteit maakt de categorie zo aantrekkelijk. Volgens wijnkenners draait een geslaagde rosé niet alleen om een lichte kleur of een strak droog profiel, maar vooral om balans, textuur en karakter. Een goede rosé combineert frisheid met voldoende rijp fruit en een aangename structuur. Droge stijlen genieten vaak de voorkeur, terwijl contact met de fijne gistcellen extra diepgang en romigheid kan geven. Ook mousserende rosé verdient meer aandacht, van Champagne tot kwalitatieve alternatieven uit andere wijnregio’s. Daarnaast hoeft rosé niet altijd bleek van kleur te zijn. Donkerdere stijlen kunnen juist veel smaak en gastronomische mogelijkheden bieden. De wijn laat zich bovendien uitstekend combineren met uiteenlopende gerechten, van vis en schaal- en schelpdieren tot gegrild wit vlees en zomerse salades. Bij het beoordelen van rosé spelen ook zuiverheid, aroma’s en mondgevoel een belangrijke rol. Uiteindelijk is het de combinatie van frisheid, fruit, textuur en drinkplezier die bepaalt of een rosé echt indruk maakt. Voor liefhebbers is er daardoor nog nooit zoveel keuze geweest.
Closeup of wine glasses held by family at lunch
